In de technische sector liggen sinds een aantal jaren goede arbeidskansen. Professionals die gespecialiseerd zijn in elektrotechniek, machinemontage of andere technische vakgebieden, kunnen relatief eenvoudig aan een baan komen.

Waarom?

Maar hoe komt het eigenlijk dat bijvoorbeeld een vacature voor monteur elektrotechniek langer open blijft staan dan een vacature in bijvoorbeeld administratief medewerker? Dit heeft te maken met een structurele ontwikkeling in de studiekeuze van nieuwe studenten. Men lijkt tegenwoordig eerder te kiezen voor studies in de juridische of financiële sector, dan voor technische studies voor monteurs. De redenen hiervoor zijn vrij divers. Het heeft er deels mee te maken met dat men over het algemeen het idee heeft dat er goed geld te verdienen valt wanneer je een afgeronde studie hebt in een van de eerdergenoemde sectoren.

En nu?

Nou, dit klopt niet helemaal. Omdat er veel concurrentie is, vanwege het grote aantal studenten dat voor deze branche hebben gekozen, zie je dat bedrijven de krenten uit de pap kunnen uitzoeken. Je moet als nieuwkomer op de arbeidsmarkt dus extra je best doen om aangenomen te worden. Vaak moet je dan ook genoegen nemen met een lager salaris. In de technische sector hebben werkgevers en recruiters vaak een veel kleinere vijver waaruit ze kunnen vissen. Daarom heb je als sollicitant vaak goede mogelijkheden op het vinden van een baan én aantrekkelijke primaire en secundaire arbeidsvoorwaarden uit te onderhandelen.

Toekomst

We zien regelmatig nieuwsberichten van dat de overheid het tij wat tracht te keren. Op verschillende manieren probeert ze de studenten te stimuleren om te kiezen voor een studieloopbaan in de technische sector. Het tekort aan personeel in deze sectoren maakt namelijk ook dat het vestigingsklimaat voor grote technische bedrijven in Nederland afneemt. Zonder goedgeschoold personeel is het voor deze ondernemingen minder interessant om zich hier te vestigen. Iets wat de overheid juist wenst te stimuleren.